Nick J. Swarth



<< alle dichters

biografie
Bookmark and Share

Liefdesbrief aan Lotte

Beminnelijke Lotte,

Zoals je er plotseling was.
Neerdalend haast, als een geest in mijn bescheiden blikveld.
Nee, haast, dat is onjuist. Je ontpopte je toch echt als een geest, in de zin van een wezen dat begeestert, bezielt. ‘De engel trad bij haar binnen,' heet het bij de Maagd Maria. Hop, direct maar een verwijzing naar de Heilige Schrift, op het gevaar af pompeus te zijn en mijn hand vroegtijdig te overspelen. Maar ik reconstrueer slechts mijn beleving.
De engel trad dus bij Maria binnen en sprak: ‘Wees gegroet, vol van genade.'
Jij daarentegen zei: ‘Hallo, ik ben Lotte.'
Waarop ik, aan de bar, lurkend aan een glas, ook niet bepaald Maria: ‘O, hoi.'

Niet dat ons rendez-vous kwam als een donderslag bij heldere hemel. Die ochtend trof ik in mijn mailbox immers je bericht. In verband met een uitwisselingsproject van kunstenaars uit jouw stad en de mijne had jij je zinnen gezet op samenwerking. En alsof de duvel ermee speelde zou je juist op die dag in mijn stad zijn. ‘Dus ik zou het fijn vinden om even kennis te maken, u artistiek te versieren en alsnog een nieuw koppel te vormen (van wie moet ik u dan afpakken trouwens?),' aldus je bericht.
Per ommegaande liet ik je weten waar je me kon treffen, niet van zins iets concreets af te spreken of er zelf achteraan te rennen.

En ineens sta je naast me. En stelt voor dat we elkaar liefdesbrieven gaan schrijven. Die we dan verliezen. In jouw stad, mijn stad en de hoop dat deze of gene ze vindt. En terugstuurt. Zodat we de scherven uit de enveloppen terug kunnen leggen in het frame van een vooraf stukgeslagen spiegel.
Niet dat ik ‘verschrik', zoals Maria in het evangelie, maar licht verwarrend is het wel, zo'n binnentredende engel. Vermakelijk dubbelzinnig trouwens, dat binnentreden. Treedt hij nu binnen in haar huis (neutraal), of in haar lichaam streep geest (minder neutraal; zelfs kinky), of, naar goed christelijk gebruik, heerszuchtig in beide? Knibbel, knabbel, knuisje, ik vreet me binnen in jouw huisje.
Ik tracht intussen wijs te worden uit je relaas en de krabbel in je aantekeningenboekje. Het duizelt me op aangename wijze. Want laten we wel wezen: liefdesbrieven schrijven aan een wervelwind met geloken ogen en donker, golvend haar, die mails verstuurt waarin naar het oorspronkelijk bericht wordt verwezen met ‘Nick J. Swarth ha scritto', en exotische zinnen staan als: ‘chiama da PC a telefono a tariffe esclusive' (daar zij nu eenmaal vaker in Rome vertoeft dan in haar geboorteplaats) - hoeveel muntjes dienen er in de automaat van de fantasie te worden geworpen om de snaar van extase te raken?

Net zo plots als je naast me opdook, ben je ook weer verdwenen.
Natuurlijk namen we fatsoenlijk afscheid, na eerst ons vertrouwen in de samenwerking en de toekomst te hebben uitgesproken, er meerdere malen het glas op heffend. Maar abrupte ontmoetingen zijn als vormen, die op je netvlies blijven hangen nadat je je ogen hebt dicht gedaan. Ze hebben de beklemmende eigenschap slecht te beklijven, langzaam te vervagen. Je hebt nog geen geheugen voor het gezicht van de ander, voor diens stem, diens gebaren.
Is het daarom, dat ik zo vaak aan je denk? In de hoop door het reconstrueren, het continu herschikken, het als een mantra afdraaien van de schaarse feiten een plaatje te creëren dat beklijft?

Ach, hoe ik daarbij steeds nadrukkelijker beland in het warrig domein van de verbeelding, die om een tongstrelend maal te bereiden waarachtig toekan met minder dan deze karige kluif. Zelfs je woonplaats wint godbetert aan allure, krijgt zowaar een uitheems karakter. Dat komt ervan met een Italiaanse mailaccount. Lijkt Turnhout ineens een voorstad van Rome. Ach, waarom ook niet. Het ligt daadwerkelijk in een ander, zuidelijker gelegen land, waar de mensen een andere taal spreken en er uitzien zoals jij, anders.
In Turnhout was ik drie maal. Bij gelegenheid vertel ik je graag waar, en waarom juist daar. Punt is dat de plaats in mijn bestaan nooit een rol van betekenis kreeg toebedeeld. Tot nu. Nu heeft de voorzienigheid de stad een nieuwe dimensie verschaft. Die dimensie, dat ben jij. Turnhout is niet langer de onbekende stad, net over de grens, inwisselbaar met andere, niet door mij gekende steden, als Wolfsburg of Wolverhampton.
Het heeft nu een functie, is een bühne geworden, een decor voor tenminste een deel van je  handel en wandel. Met coulissen waarin je boodschappen doet, omgeven door vele extra's, waarin je eet en drinkt en plast en poept. Met een voorhang die je sluit als je wilt slapen. Ik zou je er kunnen vinden, op dat toneel, tussen de figuranten en de attributen. En misschien moet ik je er maar komen zoeken, om je ongemerkt gade te slaan bij je dagelijkse besognes en me andermaal te kunnen laven aan de engelenbron, nogmaals het genoegen te kunnen smaken van jouw geestkracht. Want daarvoor ben ik als een blok gevallen.

Verschoon mij, dat ik de vrijheid neem dit rechtstreeks aan je te schrijven. Opzet is dat we samen een project op de rails zetten, met als basis een uitwisseling van liefdesbrieven. Maar ik schrijf deze woorden niet met de afstand die gewenst of mogelijk zelfs vereist is, liefkoos juist de kat die we op het spek lijken te hebben gebonden.
Het komt me voor dat we elkaar veel te vertellen hebben. Wees er echter van verzekerd dat het zonder een signaal, een blijk uit het Turnhoutse zal blijven bij slechts één brief van deze vertrouwelijke strekking. Liefdeslyriek simuleren is eenvoudig voor een dichter. Dus tussen Turnhout en Tilburg komt het sowieso wel goed.
Nu ik mij toch al half en half met de Heilige Maagd heb vereenzelvigd, kan ik hier met een gerust hart en honderd procent instemming de frase citeren die zij bij wijze van afscheid tot de engel sprak: ‘Mij geschiedde naar uw woord.'

Bijgevolg in alle oprechtheid de jouwe,

Nick


---
In het kader van het spiegelproject Tilburg - Turnhout
zie ook: www.kunstdichterbij.nl